Skip to content

Blog/Gidsen

Arbeidsovereenkomst en ketenregeling: wanneer wordt een tijdelijk contract vast?

Drie tijdelijke contracten in 36 maanden worden automatisch een vast contract (7:668a BW): wat dat betekent voor proeftijd, aanzegplicht en het minimumloon van €14,99.

Miikka Kataja··
Arbeidsovereenkomst en ketenregeling: wanneer wordt een tijdelijk contract vast?

U huurt iemand in voor zes maanden, verlengt daarna twee keer, en dan blijkt het contract ineens vast te zijn, zonder dat u daar iets voor hoefde te tekenen. Dat is de kern van het Nederlandse arbeidsrecht voor werkgevers: een paar regels in het Burgerlijk Wetboek werken automatisch, en de datum waarop ze omslaan ligt vaak eerder dan u denkt.

Deze gids behandelt wat een arbeidsovereenkomst juridisch maakt, wanneer opeenvolgende tijdelijke contracten een vast contract worden (de ketenregeling), hoe lang een proeftijd mag duren, wat de aanzegplicht kost als u hem mist, en welk minimumloon nu geldt. Zie ook de complianceoverzicht voor Nederland voor de andere onderwerpen in deze reeks.

  • Na drie tijdelijke contracten of 36 maanden (wat zich het eerst voordoet) wordt het volgende contract automatisch vast (7:668a BW).
  • Een pauze van meer dan zes maanden tussen twee contracten breekt de keten vandaag; vanaf 1 januari 2028 wordt dat 36 maanden (Stb. 2026, 206).
  • De proeftijd loopt van nul (verplicht nietig bij contracten tot zes maanden) tot twee maanden bij een vast contract (7:652 BW).
  • Vergeet u de aanzegplicht helemaal, dan kost dat een volledig maandloon (7:668 BW).
  • Het minimumuurloon voor 21-plussers is €14,99 van 1 juli tot en met 31 december 2026 (rijksoverheid.nl).

Wat maakt iemand juridisch een werknemer?

Drie kenmerken samen: hij verricht arbeid, ontvangt daarvoor loon, en doet dat in ondergeschiktheid aan u gedurende een bepaalde tijd. Zodra die drie elementen aanwezig zijn, is er een arbeidsovereenkomst, ongeacht hoe u het contract zelf noemt (7:610 BW).

De wet gaat verder dan de tekst van het contract. Werkt iemand drie maanden achtereen wekelijks voor u, of minstens twintig uur per maand, dan wordt vermoed dat er een arbeidsovereenkomst bestaat, ook als u een overeenkomst van opdracht had opgesteld (7:610a BW). Dit raakt vooral zzp’ers die feitelijk als werknemer functioneren en platformwerkers met een vaste inzet.

Er is nog een tweede vermoeden, specifiek voor de omvang van het werk. Heeft een contract al minstens drie maanden gelopen, dan wordt het aantal contractueel afgesproken uren voor een maand vermoed gelijk te zijn aan het gemiddelde van de drie voorafgaande maanden (7:610b BW). Dat beschermt werknemers met onduidelijke of wisselende uren, zoals nul-urencontracten en min-maxcontracten, tegen een structureel lagere inzet dan wat ze feitelijk hebben gewerkt.

Situatie Gevolg Bron
Arbeid + loon + ondergeschiktheid + bepaalde tijd Arbeidsovereenkomst, ongeacht de naam van het contract 7:610 BW
Drie maanden wekelijks werk, of ≥20 uur/maand Vermoeden van arbeidsovereenkomst 7:610a BW
Contract loopt ≥3 maanden, wisselende uren Contracturen vermoed gelijk aan gemiddelde van 3 voorgaande maanden 7:610b BW

Als u iemand structureel op vaste tijden inzet en de opdracht qua inhoud niet verschilt van uw andere werknemers, ga dan na of dat vermoeden op uw situatie van toepassing is voordat u het contract verlengt.

Wanneer wordt een tijdelijk contract automatisch vast?

Zodra drie tijdelijke contracten elkaar zijn opgevolgd, of de gezamenlijke duur 36 maanden overschrijdt (wat zich het eerst voordoet), geldt het laatste contract van rechtswege als aangegaan voor onbepaalde tijd. Dit is de ketenregeling, geregeld in 7:668a BW, en het is het belangrijkste mechanisme in dit hele onderwerp.

“Van rechtswege” betekent letterlijk: op de dag dat de grens wordt overschreden, is het contract vast, ook al heeft niemand iets ondertekend of bevestigd. Merkt u het pas maanden later op, dan was het contract al die tijd vast en geldt daarvoor gewoon de normale ontslagbescherming. U kunt het niet met terugwerkende kracht alsnog laten aflopen.

Beide tellingen (het aantal contracten en de gezamenlijke duur) lopen door zolang de tussenpozen tussen contracten niet langer zijn dan zes maanden. Is een pauze langer dan zes maanden, dan breekt de keten helemaal: het volgende contract begint met een schone lei, als was het het eerste. Een cao mag de grenzen verruimen — zie de tabel hieronder voor de uitgebreide contracten en duur — en voor seizoensfuncties de tussenpoos verkorten naar drie maanden.

Element Huidige regel Bron
Maximaal aantal tijdelijke contracten 3 7:668a lid 1 sub b BW
Maximale gezamenlijke duur 36 maanden 7:668a lid 1 sub a BW
Tussenpoos die de keten breekt (nu, tot 1 januari 2028) Meer dan 6 maanden 7:668a BW
Verruiming via cao Tot 6 contracten / 48 maanden 7:668a lid 5 BW
Tussenpoos seizoenswerk via cao Tot 3 maanden 7:668a lid 5 BW
Tussenpoos vanaf 1 januari 2028 Meer dan 36 maanden breekt de keten Stb. 2026, 205; Stb. 2026, 206

De aankomende verandering, en waarom die nu al meetelt: de Wet meer zekerheid flexwerkers is aangenomen door beide Kamers, ondertekend op 8 juli 2026 en gepubliceerd als Staatsblad 2026, 205. Het bijbehorende inwerkingtredingsbesluit legt de algemene datum vast op 1 januari 2028 (Staatsblad 2026, 206). Vanaf die datum blijft “3 contracten / 36 maanden” ongewijzigd, maar de tussenpoos die de keten breekt gaat van zes maanden naar 36 maanden. Een pauze moet dan drie jaar duren voordat u weer met een schone lei begint. Een uitzondering geldt voor scholieren en studenten die gemiddeld ten hoogste 16 uur per week werken: voor hen blijft de tussenpoos van zes maanden bestaan. Tot 1 januari 2028 geldt onverkort de huidige regel. Behandel de aankomende wijziging als iets om nu al in uw planning mee te nemen, niet als geldend recht.

Leg voor elke werknemer met een tijdelijk contract de startdatum van het eerste contract in de keten en elke tussenpoos vast, zodat u op elk moment kunt zien hoe dicht u bij de grens zit.

Hoe lang mag een proeftijd duren?

Dat hangt af van de duur en het type contract, en bij een contract van zes maanden of korter mag helemaal geen proeftijd worden afgesproken. De ladder staat in 7:652 BW.

Type contract Maximale proeftijd
Tijdelijk, ten hoogste 6 maanden Nietig — geen proeftijd toegestaan
Tijdelijk, langer dan 6 maanden tot 2 jaar 1 maand
Tijdelijk, 2 jaar of langer 2 maanden
Tijdelijk, zonder vaste kalenderdatum als einde 1 maand
Onbepaalde tijd 2 maanden

De proeftijd moet schriftelijk zijn overeengekomen en voor beide partijen exact even lang zijn. Een cao mag alleen afwijken van de regels voor het contract van zes maanden tot twee jaar en het contract zonder vaste einddatum. De nietigheid bij een contract van ten hoogste zes maanden is niet cao-afwijkbaar; die grens ligt vast. Bij een opvolgend contract met dezelfde werknemer, of met een werkgever die redelijkerwijs als opvolger van de vorige geldt, mag u alleen een nieuwe proeftijd bedingen als de functie duidelijk andere vaardigheden of verantwoordelijkheden vraagt.

Tijdens een geldige proeftijd kan iedere partij de overeenkomst per direct beëindigen, zonder opzegtermijn en zonder de gebruikelijke ontslagtoets vooraf (7:676 BW). Vraagt de werknemer om de reden, dan moet u die schriftelijk geven.

Controleer bij elk nieuw contract of het om een opvolgend contract met dezelfde persoon gaat voordat u een proeftijd opneemt. Een proeftijdbeding dat niet mag, is gewoon nietig en biedt u geen enkele bescherming.

Wat moet u schriftelijk vastleggen, en wanneer?

Binnen een week na de eerste werkdag moet u de kernvoorwaarden van het dienstverband schriftelijk of elektronisch vastleggen; de rest volgt binnen een maand. Dit vloeit voort uit 7:655 BW, dat de EU-richtlijn over transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden omzet.

Deadline Wat moet erin staan
Binnen 1 week na start Identiteit partijen, werkplek(ken), functie, startdatum, loon en berekeningswijze, arbeidsduur, proeftijd
Binnen 1 maand na start Vakantierechten, opzegprocedure, pensioenregeling, toepasselijke cao, contractdetails, scholingsrecht
Voor vertrek naar buitenland Bijzonderheden over werk in het buitenland
Bij elke wijziging Uiterlijk op de dag dat de wijziging ingaat

Levert u de informatie elektronisch aan, dan moet dat met een gekwalificeerde elektronische handtekening en op een manier die de werknemer kan opslaan en afdrukken. Een wijziging in een van deze voorwaarden (een andere werkplek, een aangepast loon) moet u zo snel mogelijk melden, en uiterlijk op de dag dat die wijziging ingaat.

Bouw deze twee deadlines in uw onboardingchecklist in, zodat de kerninformatie de eerste week automatisch klaarstaat en de rest binnen de maand volgt zonder dat u het handmatig hoeft te onthouden.

Wat is de aanzegplicht, en wat kost het als u hem mist?

Bij een tijdelijk contract van zes maanden of langer moet u uiterlijk een maand voordat het contract van rechtswege eindigt, schriftelijk laten weten of het wordt voortgezet en op welke voorwaarden. Dit is de aanzegplicht, geregeld in 7:668 BW.

De verplichting geldt niet voor contracten korter dan zes maanden, en niet voor contracten zonder vaste kalenderdatum als einde, bijvoorbeeld een contract “voor de duur van project X”. Voor alle andere tijdelijke contracten van zes maanden of langer geldt de deadline zonder uitzondering.

Situatie Gevolg
Aanzegging helemaal vergeten Vergoeding gelijk aan een volledig maandloon
Aanzegging te laat, wel gegeven Vergoeding naar rato van het aantal te late dagen
Contract korter dan 6 maanden Aanzegplicht is niet van toepassing
Contract zonder vaste kalenderdatum als einde Aanzegplicht is niet van toepassing

Deze vergoeding staat los van eventuele andere aanspraken en is verschuldigd ongeacht of het contract uiteindelijk wordt voortgezet of niet. Hij bestraft alleen het gemiste of te late bericht, niet de beslissing zelf.

Zet voor elk tijdelijk contract van zes maanden of langer een herinnering minstens vijf weken voor de einddatum, zodat u nooit krap bij de deadline zit.

Wanneer is een concurrentiebeding geldig?

Een concurrentiebeding — een beding dat een werknemer verbiedt om na het dienstverband voor een concurrent te werken — is in beginsel alleen geldig in een contract voor onbepaalde tijd, schriftelijk overeengekomen met een meerderjarige werknemer. Dit staat in 7:653 BW.

In een tijdelijk contract mag u toch een concurrentiebeding opnemen, maar alleen als u in het beding zelf schriftelijk motiveert waarom het beding noodzakelijk is vanwege zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen. Ontbreekt die specifieke motivering, of is ze te algemeen geformuleerd, dan is het beding niet geldig.

Contracttype Geldigheidseis
Onbepaalde tijd Schriftelijk, meerderjarige werknemer
Bepaalde tijd Zoals hierboven, plus schriftelijke motivering van zwaarwegend bedrijfsbelang in het beding zelf

Er ligt een moderniseringsvoorstel bij de Raad van State voor advies, dat een verplichte vergoeding bij inroeping, een maximale duur en een verplicht geografisch bereik zou introduceren. Dit voorstel is nog niet bij de Tweede Kamer ingediend en heeft geen inwerkingtredingsdatum. Behandel het niet als geldend recht totdat het is aangenomen.

Neem in elk concurrentiebeding in een tijdelijk contract de specifieke, zaakgebonden motivering op. Een standaardformule die u in elk contract herhaalt, houdt in de praktijk geen stand.

Wat is het minimumloon, en hoe vaak verandert het?

Voor werknemers van 21 jaar en ouder geldt van 1 juli tot en met 31 december 2026 een wettelijk minimumuurloon van €14,99 bruto per uur, ongeacht de voltijdsnorm binnen uw bedrijf. Dit staat op de officiële bedragenpagina van rijksoverheid.nl.

Het minimumloon wordt twee keer per jaar herzien, op 1 januari en op 1 juli, dus elke verwijzing naar het bedrag hoort de geldende periode te vermelden. Sinds 1 januari 2024 is het minimumloon een uurbedrag, niet meer afgeleid van een standaard werkweek.

Leeftijd 1 juli – 31 december 2026 1 januari – 30 juni 2026
21 jaar en ouder €14,99 €14,71
20 jaar €11,99 €11,77
19 jaar €8,99 €8,83
18 jaar €7,50 €7,36
17 jaar €5,92 €5,81
16 jaar €5,17 €5,07
15 jaar €4,50 €4,41

De jeugdbedragen zijn vaste euro’s per leeftijd, geen percentage van het volwassen tarief. Een cao mag hoger uitbetalen dan dit wettelijk minimum, maar nooit lager. De Nederlandse Arbeidsinspectie kan bij onderbetaling een boete opleggen van €500 tot €10.000 per werknemer, en eist bij een geconstateerde tekortkoming terugbetaling binnen vier weken.

Zet in uw systeem een herinnering op 1 januari en 1 juli om de actuele bedragen te controleren, zodat een oud tarief niet per ongeluk blijft doorlopen na een herziening.

Wat moet u regelen bij de eerste indiensttreding?

Voordat uw eerste werknemer begint, moet u zich bij de Belastingdienst aanmelden als werkgever, uiterlijk op de dag dat die werknemer start. Deze melding levert u het loonheffingennummer op, dat u nodig hebt om aangifte loonheffingen te doen (belastingdienst.nl).

Bij indiensttreding van elke nieuwe werknemer moet u bovendien de identiteit vaststellen aan de hand van een paspoort, een Nederlandse identiteitskaart of een vreemdelingendocument; een rijbewijs volstaat expliciet niet, omdat daarop geen nationaliteit staat (rijksoverheid.nl). Bewaar een kopie van het document in uw loonadministratie, en houd die kopie minstens vijf jaar na het kalenderjaar waarin de werknemer uit dienst gaat.

Verplichting Deadline
Aanmelden als werkgever bij de Belastingdienst Uiterlijk de dag dat de eerste werknemer start
Identiteit vaststellen (paspoort, ID-kaart of vreemdelingendocument) Bij indiensttreding
Kopie identiteitsdocument bewaren Minstens 5 jaar na het jaar van uitdiensttreding

Bouw de identiteitscontrole en het bewaren van de kopie in als een vast, niet-overslaanbaar onderdeel van uw onboardingproces, niet als iets dat u er later bij doet.

Wat mag een cao hier wel en niet veranderen?

Het grootste deel van boek 7, titel 10 BW is semidwingend recht: afwijken mag alleen ten gunste van de werknemer, of via een expliciete uitzondering die afwijking uitsluitend via cao toestaat. Een cao mag de ketenregeling verruimen en de tussenpoos voor seizoenswerk verkorten, binnen de grenzen die hierboven staan (7:668a BW). Ook mag de cao de proeftijd anders regelen bij een contract van zes maanden tot twee jaar, of zonder vaste einddatum (7:652 BW).

Een cao mag echter nooit het minimumloon verlagen, de nietigheid van een proeftijd bij een contract van ten hoogste zes maanden opheffen, of de informatieplicht en de aanzegplicht wegcontracteren. Voor die twee laatste is in de statuten geen cao-afwijkingsclausule gevonden.

Onderwerp Cao mag afwijken?
Ketenregeling (aantal/duur/tussenpoos seizoenswerk) Ja, binnen de wettelijke bandbreedte
Proeftijd bij contract 6 maanden–2 jaar / zonder einddatum Ja
Proeftijd nietigheid bij contract ≤6 maanden Nee
Minimumloon Nee, alleen naar boven
Aanzegplicht en informatieplicht Geen cao-afwijking gevonden in de statuten

De Nederlandse Arbeidsinspectie handhaaft het minimumloon en de vakantiebijslag met bestuurlijke boetes, en zet bij aanhoudende overtredingen zwaardere middelen in tot en met stillegging van het werk.

Controleer bij elk cao-toepasselijk contract expliciet welke van deze afwijkingen de cao daadwerkelijk gebruikt, in plaats van aan te nemen dat de wettelijke standaardgrenzen gelden.

Hoe helpt Taito.ai hierbij?

Taito.ai, het people operations systeem, zet de bewaking van de ketenregeling voor u op: het houdt de startdatum en tussenpozen van elk tijdelijk contract bij en signaleert automatisch wanneer u richting de grens van drie contracten of 36 maanden loopt.

Bronnen

Artikelen worden aangeduid als 7:668a BW: boek 7, artikel 668a van het Burgerlijk Wetboek. Onthoud dat format, dan hoeft u verder nooit een nummer te ontcijferen.

Disclaimer

Taito.ai geeft geen juridisch, fiscaal of boekhoudkundig advies. Dit artikel is algemene informatie over de wet zoals die gold op de datum hierboven, geen advies over uw situatie en geen vervanging daarvan. Bedragen en grenzen veranderen. Overleg met een gekwalificeerde adviseur voordat u op basis hiervan handelt.

Veelgestelde vragen

Na hoeveel tijdelijke contracten moet ik een vast contract aanbieden?
Na drie tijdelijke contracten die elkaar met een tussenpoos van maximaal zes maanden opvolgen, wordt het vierde contract automatisch een contract voor onbepaalde tijd. Hetzelfde gebeurt als de gezamenlijke duur van de opeenvolgende contracten, inclusief de tussenpozen, 36 maanden overschrijdt — ook als u nog bij het derde contract zit. Dit volgt uit artikel 7:668a van het Burgerlijk Wetboek en werkt van rechtswege: er hoeft niemand iets te tekenen of te bevestigen, het contract is vanaf die dag gewoon vast. Een pauze van meer dan zes maanden tussen twee contracten breekt de keten en u begint opnieuw te tellen. Een cao mag de 36 maanden verlengen tot 48 maanden en het aantal contracten verhogen naar zes, en voor seizoenswerk de tussenpoos verkorten naar drie maanden. Zonder cao-afwijking gelden de standaardgrenzen. Houd de startdatum van het eerste contract en elke tussenpoos apart bij, want die twee gegevens bepalen samen het moment waarop de keten omslaat.
Verandert de ketenregeling in 2028?
Ja, maar nog niet nu. De Wet meer zekerheid flexwerkers is aangenomen door de Tweede en Eerste Kamer, ondertekend en gepubliceerd in het Staatsblad, en treedt in werking op 1 januari 2028. Vanaf die datum verandert niet de 36 maanden of het aantal van drie contracten, maar de tussenpoos die de keten breekt: die gaat van zes maanden naar 36 maanden. Concreet betekent dit dat een pauze van bijvoorbeeld negen maanden tussen twee tijdelijke contracten straks niet meer voldoende is om opnieuw te beginnen tellen — vandaag is dat nog wel zo. Tot 1 januari 2028 blijft de huidige regel met de tussenpoos van zes maanden gewoon gelden, inclusief voor contracten die u nu afsluit en die na die datum doorlopen. Er komt een uitzondering voor scholieren en studenten die gemiddeld ten hoogste 16 uur per week werken: voor hen blijft de tussenpoos van zes maanden bestaan. Plan uw flexibele bezetting dus nu al met 2028 in het achterhoofd.
Hoe lang mag ik een proeftijd afspreken?
Dat hangt af van het type contract: twee maanden bij een contract voor onbepaalde tijd, één maand bij een tijdelijk contract van zes maanden tot twee jaar, en twee maanden bij een tijdelijk contract van twee jaar of langer. Bij een contract van ten hoogste zes maanden mag helemaal geen proeftijd worden afgesproken; een beding dat dat toch doet is nietig, ook als een cao van toepassing is. Dit volgt uit artikel 7:652 van het Burgerlijk Wetboek. De proeftijd moet schriftelijk zijn vastgelegd en voor beide partijen precies even lang zijn — u kunt de werknemer geen langere proeftijd geven dan uzelf. Bij een opvolgend contract met dezelfde werknemer mag u alleen een nieuwe proeftijd bedingen als de nieuwe functie duidelijk andere vaardigheden of verantwoordelijkheden vraagt dan de vorige. Tijdens een geldige proeftijd kan elke partij de overeenkomst per direct beëindigen, zonder opzegtermijn en zonder toets vooraf.
Wat kost het als ik de aanzegplicht vergeet?
Bij een tijdelijk contract van zes maanden of langer moet u uiterlijk een maand voordat het contract van rechtswege eindigt, schriftelijk laten weten of het wordt voortgezet en zo ja, onder welke voorwaarden. Vergeet u dit helemaal, dan bent u de werknemer een vergoeding verschuldigd ter hoogte van een volledig maandloon, ongeacht hoe lang het contract liep. Bent u te laat maar informeert u alsnog, dan is de vergoeding naar rato van de te late dagen — bijvoorbeeld een kwart maandloon bij een week te laat. Dit staat in artikel 7:668 van het Burgerlijk Wetboek. De verplichting geldt niet voor contracten korter dan zes maanden en niet voor contracten zonder vaste einddatum op de kalender, zoals een contract "voor de duur van een project". Zet de einddatum van elk tijdelijk contract met een herinnering minstens vijf weken van tevoren in uw systeem, zodat u de deadline nooit per ongeluk laat verstrijken.
Wat is het minimumloon per uur op dit moment?
Voor werknemers van 21 jaar en ouder geldt van 1 juli tot en met 31 december 2026 een wettelijk minimumuurloon van €14,99 bruto. In de eerste helft van 2026 was dat €14,71; de bedragen worden elk half jaar, op 1 januari en 1 juli, opnieuw vastgesteld. Voor jongere werknemers gelden vaste bedragen per leeftijd, geen percentages: €11,99 voor 20 jaar, €8,99 voor 19 jaar, €7,50 voor 18 jaar, €5,92 voor 17 jaar, €5,17 voor 16 jaar en €4,50 voor 15 jaar. Dit is een bruto bedrag per gewerkt uur, ongeacht de contractuele voltijdsnorm binnen uw bedrijf — sinds 1 januari 2024 is het minimumloon een uurloon, niet meer een week- of maandbedrag. Een cao mag een hoger loon afspreken, maar nooit lager dan dit wettelijke minimum. De Nederlandse Arbeidsinspectie controleert hierop en kan bij onderbetaling een boete opleggen van €500 tot €10.000 per werknemer.

Lees verder

Ontslag in Nederland: de complete werkgeversgids

Ontslag in Nederland: de complete werkgeversgids

Negen ontslaggronden, twee routes, en een transitievergoeding tot €102.000 in 2026: wat het gesloten Nederlandse ontslagrecht van u als werkgever vraagt.

Gids ·

Ontslag in Nederland: de complete werkgeversgids